Huisartsentekort
Dat er een huisartsentekort in Vlaanderen bestaat is algemeen geweten. Individuele artsenpraktijken verdwijnen en worden meer en meer vervangen door groepspraktijken. Dat zorgt ervoor dat wanneer een oudere voltijdse arts met welverdiende rust gaat, hij vaak moet vervangen worden door twee jongere artsen die in groepsverband werken. Een analyse in de Randkrant brengt een proportioneel groot tekort aan huisartsen in de Rand aan het licht. Taaltoestanden en hoge vastgoedprijzen verklaren gedeeltelijk waarom in onze streek het tekort moeilijk weggewerkt geraakt. Een groot gedeelte van de inwoners spreekt geen Nederlands en dat vereist meertaligheid van de arts die zich in de Rand wil vestigen. Naast de hoge vastgoedprijzen precies in deze streek vormt dat een bijkomend obstakel om nieuwe artsen te lokken. Vier van de zes faciliteitengemeenten, met name Sint-Genesius-Rode, Wezembeek-Oppem, Drogenbos en Kraainem, figureren bovenaan de rangschikking met het grootste artsentekort. Het aantal huisartsen nam er de jongste jaren af terwijl de bevolking net toenam. Dat de faciliteitengemeenten zo slecht scoren zou te maken hebben met een oudere bevolking, het gebrek aan groepspraktijken aldaar en de vastgoedprijzen die juist hier uit de pan swingen. Hoeft het trouwens nog gezegd dat ook de taalbarrière hier nog sterker doorweegt dan elders in de Rand?
Verdachte ondernemingen in de zes
De krant De Tijd onderzocht de recente toename van faillissementsverklaringen voor ondernemingen die zich bedienen van anonieme postbuslocaties. De overheid en justitie zetten een tandje bij om slapende vennootschappen te traceren. Dat leidt tot een forse toename van faillissementen. Het valt op dat de faillissementsaanvragen zich ontzettend vaak opstapelen op hetzelfde adres. De faciliteitengemeenten scoren opvallend hoog in de cijfers van faillissementsaanvragen vanuit hetzelfde adres. De Tijd ontdekte dat in Kraainem één adres 105 lopende faillissementen telde. Meerdere bedrijven kunnen hetzelfde adres delen, maar wanneer ze geen activiteit uitoefenen en niet solvabel zijn, gaat het om slapende vennootschappen. Meer dan eens gaat het dan om spookbedrijven die criminelen gebruiken voor witteboordencriminaliteit of als façade voor drugshandel. Het probleem verlegde zich van Brussel naar Vlaanderen. Strengere controles in de context van het kanaalplan op vlak van veiligheid, deden verdachte ondernemingen massaal naar de randgemeenten uitwijken. Het lijstje van gemeenten met falingen op vermoedelijke postbuslocaties wordt aangevoerd door vier van onze faciliteitengemeenten, te weten Wezembeek-Oppem, Linkebeek, Kraainem en Wemmel. Zou het kunnen dat de faciliteitengemeenten, niet zelden slaapgemeenten genoemd omdat een groot gedeelte van de bevolking er enkel resideert en niet deelneemt aan het gemeenschapsleven, zich makkelijker lenen tot het aantrekken van verdachte ondernemingen?
Brusselse olievlek
Uit de cijfers van de jongste Notarisbarometer blijkt dat voor het eerst in jaren minder Brusselaars vastgoed kopen in de Vlaamse Rand. De reden is dat de prijzen in de Vlaamse Rand stilaan te hoog geworden zijn en de Brusselaars de Rand overslaan en dieper in het Vlaamse hinterland een grote woning zoeken. Toch een grote bedenking bij deze cijfers. Uit dezelfde notarisbron blijkt dat verschillende faciliteitengemeenten nog steeds volop in het vizier liggen van de uitwijkende Brusselaars. De Brusselaars waren goed voor meer dan de helft gekochte woningen in Wezembeek-Oppem (52.7%), Kraainem (64.4%) en Linkebeek (64.4%). In Drogenbos (69.4%) komen 7 op de 10 kopers uit de hoofdstad. In de Notarisbarometer wijt men die grote aantallen aan de gemakkelijke bereikbaarheid van die gemeenten vanuit Brussel. Wij, van onze kant, durven er vergif op innemen dat het faciliteitenregime evenzeer een grote rol speelt bij deze keuze. Veel Brusselaars hebben niet de indruk dat ze in Vlaanderen terechtkomen maar in een soort buitenzone van Brussel waar men in het Frans terecht kan.
TAK en het Franstalig onderwijs
Om te protesteren tegen de Vlaamse fi nanciering van het Franstalig onderwijs in de faciliteitengemeenten heeft het Taal Aktie Komitee (TAK) op de vooravond van het nieuwe schooljaar verschillende scholen symbolisch op slot gedaan. De ingangen van verschillende Franstalige scholen in Drogenbos, Kraainem, Linkebeek, Sint-Genesius-Rode en Wezembeek-Oppem werden vergrendeld met hangsloten. TAK stelt de Vlaamse fi nanciering van het Franstalig onderwijs aan de kaak terwijl deze onder het beheer van de Franstalige gemeenschap vallen. Volgens de meest recente cijfers vloeit jaarlijks meer dan 18 miljoen euro belastinggeld naar deze scholen. Volgens TAK betaalt Vlaanderen daardoor mee aan de verfransing van haar eigen grondgebied. Een vaststelling die wij in deze kolommen reeds herhaaldelijk hebben gemaakt. Voor TAK stopt men beter met deze fi nanciering die stamt uit de jaren ’60 toen men nog dacht dat deze maatregel de integratie zou bevorderen. Quod non. TAK wijst er trouwens terecht op dat de basisschool De Taalkoff er in Komen, een van de weinige Nederlandstalige scholen in een faciliteitengemeente in Wallonië, gedurende al die jaren geen enkele structurele steun kreeg van de Waalse overheid.
Naleving taalwetgeving in de zes
Op de vraag van Vlaams parlementslid Klaas Slootmans (Vlaams Belang) aan Vlaams minister van Binnenlandse Zaken Hilde Crevits (cd&v) of het toezicht op de randgemeenten verschilt van het toezicht op de andere Vlaamse gemeenten antwoordt de minister positief. De gemeenteraden in de zes worden specifi ek opgevolgd. Sinds 2009 worden deze systematisch bijgewoond door personeelsleden van het Agentschap Binnenlands Bestuur. In de gemeenten Linkebeek, Kraainem, Wezembeek-Oppem en Sint-Genesius-Rode is er op elke gemeenteraad standaard een personeelslid van het Agentschap Binnenlands Bestuur aanwezig om de gemeenteraad op te volgen. Volgens Crevits kan dat in theorie ook leiden tot ambtshalve opvragingen maar leert de praktijk dat dit zelden nodig is. In Wemmel en Drogenbos doen zich zelden incidenten voor op taalvlak. Deze gemeenteraden worden opgevolgd door nazicht van de agenda’s. Als er aanwijzingen zijn van taalschendingen, zal de minister ook een waarnemer naar deze gemeenteraden sturen.
Nederlandstalige zorg in de rand
Het is een oud zeer dat de ziekenhuizen in Brussel moeilijk tweetalig personeel kunnen rekruteren. In het Brussels privé ziekenhuis Sint-Jan wordt nu in samenwerking met de Vlaamse minister voor Brussel, Cieltje Van Achter (N-VA) een pilootproject gelanceerd om de tweetaligheid in de zorg te verbeteren en het Nederlands in Brussel te versterken. Het project voorziet erin dat alle medewerkers van Sint-Jan vrijwillig hun kennis van de tweede taal kunnen testen. Op basis van deze “nulmeting” zal het ziekenhuis een gericht beleid voeren om de tweetaligheid te versterken. De komende maanden zullen zo’n 1000 personeelsleden getest worden door het “Huis van het Nederlands” in Brussel. Het project voorziet in taalleertijden tijdens de werkuren in samenwerking met het Centrum voor Volwassenenonderwijs. De taaltesten worden om de twee jaar herhaald. Personeelsleden die na twee jaar de norm halen mogen rekenen op een premie die kan oplopen tot 800 euro. Hopelijk krijgt het pilootproject ook navolging bij de andere Brusselse ziekenhuizen, waar het nog steeds erg gesteld is met de kennis van het Nederlands en het recht op zorgverstrekking in de eigen taal.
Pour les Flamands…
Een lezeres uit Sint-Genesius-Rode wijst ons op het totaal gebrek aan taalfatsoen bij de Brusselse firma Taxis Verts. Voor haar zoon met een beperking maakt zij regelmatig gebruik van rolstoelvervoer. Indien men bij Taxis Verts op zoek gaat naar de gebruiksvoorwaarden, botst men op de volgende tekst: “ Deze algemene voorwaarden zijn opgesteld in het Frans. Als u geen Frans begrijpt, neem dan contact op met Taxis Verts voordat u de toepassing van onze algemene voorwaarden accepteert om een vertaling of uitleg in het Engels te ontvangen…. “. Niet erg netjes.
Wonen in eigen streek
Het Wonen in Eigen Streek (WIES) decreet uit 2023 kende al een bewogen voorgeschiedenis. Met het WIES decreet kunnen meer dan 25 gemeenten in de Vlaamse Rand private kavels of woningen voorbehouden voor mensen die een band hebben met de gemeente. Eerdere initiatieven geraakten nooit voorbij de juridische toets. In 2013 was er nog de vernietiging van het Grond- en Pandendecreet. Ook nu heeft de opvolger WIES decreet af te rekenen met de vernietiging van een artikel door het Grondwettelijk Hof. In het bewuste artikel wordt enkel rekening gehouden met inwoners uit Vlaanderen en niet met aangrenzende inwoners uit Brussel of Wallonië. Hierdoor schendt het decreet het gelijkheidsbeginsel oordeelt het Grondwettelijk Hof. Minister van de Vlaamse Rand Weyts (N-VA) maakt zich echter sterk dat het vernietigde artikel de grond van het decreet niet aantast. Volgens de minister wordt niet geraakt aan het fundament van de regelgeving en zijn de vernietigde bepalingen niet essentieel voor de toepassing van het decreet. Zelfs integendeel, minister Weyts is verheugd dat het Grondwettelijk Hof nu uiteindelijk erkent dat vanuit een sociale bekommernis , het recht om in eigen streek te wonen, bepaalde mensen voorrang kan gegeven worden. Volgens Weyts geeft de uitspraak van het Grondwettelijk Hof zelfs aan dat het perfect mogelijk blijft dat enkel inwoners ingeschreven in de eigen gemeente in aanmerking komen voor de WIES regeling. Momenteel geeft Vlabinvest als advies aan de gemeenten die willen instappen, om de voorrangsregeling te beperken tot de eigen inwoners. Minister Weyts roept de lokale besturen op om nu ook daadwerkelijk gebruik te maken van het decreet. De minister heeft zelfs vijf miljoen veil om de voortrekkers een duwtje in de rug te geven. Het Grondwettelijk Hof heeft wel nog gevraagd om prejudiciële vragen te stellen aan het Europees Hof van Justitie over de verenigbaarheid van de fi nanciële tussenkomst met de staatssteunregels. Alle juridische hindernissen zijn dus nog niet volledig opgeruimd. Het aantal gemeenten dat concreet een WIES-reglement heeft goedgekeurd blijft voorlopig beperkt. Verschillende gemeenten, waaronder ook faciliteitengemeente Wemmel, hebben interesse maar Vlaams minister van Wonen Melissa Depraetere (Vooruit) laat in haar antwoord op een vraag van Vlaams Parlementslid Gijs Degrande (N-VA) weten dat uit contacten met de lokale overheden vooral de kostprijs een struikelblok blijkt te zijn.
